Weer aan het werk: eerste hulp bij re-integratie

door | 25 aug 2020

Arbeid is hot binnen de ergotherapie. ‘Productiviteit, waaronder arbeid, is een van de domeinen waar ergotherapie zich op richt’, staat letterlijk in Grondslagen van de Ergotherapie. [1] Maar dit betekent nog niet automatisch dat elke ergotherapeut ervaart voldoende kennis en vaardigheden te hebben om arbeidsvragen in hun behandeling mee te nemen. Daarom is Weer aan het Werk ontwikkeld. Het biedt basiskennis en veel kant en klare werkmaterialen die de ergotherapeut-behandelaar in staat stelt om de ‘lichtere casussen’, die in waarschijnlijk kunnen terugkeren naar hun eigen werk, goed te begeleiden.

Wat is Weer aan het Werk?

Weer aan het Werk is een behandelmethode waarbij terugkeer naar eigen werk als middel, maar ook als doel kan worden ingezet. Edith Brocken ontwikkelde de methode op basis van praktijkervaring en is bedoeld voor ergotherapeut-behandelaars die in hun dagelijkse praktijk regelmatig cliënten tegen komen die, na verzuim, terug willen of moeten keren in hun eigen werk. In haar praktijk Ergo & Arbeid gebruiken Edith en haar medewerkers Astrid van Leest en Ina Kleijwegt de methode veelvuldig. Al snel na het starten van haar praktijk merkte Edith dat er heel veel behoefte was aan ergotherapie gericht op terugkeer naar werk. Omdat de vraag de capaciteit bleef overstijgen zag Edith de noodzaak om haar kennis over te brengen op andere ergotherapeuten. Haar missie is nu dat elke cliënt in Nederland, met de behoefte aan ondersteuning tijdens de re-integratie, binnen een straal van 15 kilometer een ergotherapeut vindt die hem of haar hierbij kan begeleiden.

Vanuit deze missie is de methode Weer aan het Werk uitgewerkt en overdraagbaar gemaakt door middel van een handboek, werkmaterialen en een training.

In het handboek wordt voor alle behandelfases, van intake tot afsluiting, informatie, tips en tools aangereikt die behulpzaam kunnen zijn bij het vormgeven van de behandeling gericht op terugkeer naar eigen werk. Daarnaast zijn er vier werkmaterialen gericht op het ondersteunen van het inhoudelijke proces van werkhervatting. Alle stappen en werkmaterialen kunnen echter ook onafhankelijk van elkaar worden gebruikt. Net als in een EHBO-doos pak je eruit wat je op dat moment nodig hebt.

Wanneer de cliënt werknemer is, is de Wet Verbetering Poortwachter  van toepassing. Deze wet bepaalt de kaders waarbinnen re-integratie plaatsvindt. Kennis hiervan is nodig om in de behandeling te kunnen anticiperen op processtappen die komen gaan en de doelen hierop af te stemmen. Daarom biedt de methode Weer aan het Werk zes werkmaterialen met achtergrondinformatie en tips voor de voorbereiding van de verschillende processtappen.

Casus:
Eric wilde rustig opbouwen na zijn hernia-operatie. Jarenlang had hij gebuffeld voor zijn baas en nu stond zijn gezondheid voorop. Hij kreeg immers 100% doorbetaald en had besloten dat hij niet harder zou lopen dan de bedrijfsarts en zijn werkgever van hem eisten. Totdat hij besefte dat na een jaar verzuim het loon terug zou gaan naar 70% voor de uren dat hij nog niet aan het werk was. Toen hij ook nog hoorde dat na één jaar de mogelijkheid bestond dat hij op zoek zou moeten gaan naar ander werk veranderde hij van standpunt. Zijn doel werd dat hij vóór één jaar verzuim minimaal 65% van zijn eigen uren en taken weer wilde kunnen werken, zodat hij spoor 2 zou mogen weigeren en hij niet teveel in inkomsten zou achteruitgaan. Eric was daarna zeer gemotiveerd om samen met de ergotherapeut een plan te maken om zijn doel te kunnen halen.

Achtergrond:

Het moderne verzuimbeleid is veelal georganiseerd volgens het Eigen-regiemodel.[2] Hierbij is een grote rol weggelegd voor de werkgever en de werknemer.

Veel organisaties gebruiken het Eigen-regiemodel, omdat zij op deze manier meer grip kunnen uitoefenen op het verzuimproces zelf en het resultaat daarvan, en daarnaast ook minder kosten kwijt zijn aan procesondersteuning en bewaking door de arbodienst.

Het Eigen-regiemodel is gestoeld op ‘eigen regisseurschap’. Dit betekent dat de werknemer een rol krijgt die gelijkwaardig is aan die van de andere betrokkenen; daarbij hoort ook het zelf nemen van verantwoordelijkheid voor het eigen re-integratieproces.[3] Niet alle werknemers zijn echter in staat de actieve regisseursrol op zich te nemen. In het boek Zorgbasics stellen Miedema en Engels dat het versterken van zelfmanagement kan worden gezien als een daadwerkelijke interventie om het eigen regisseurschap beter te kunnen invullen.

Weer aan het Werk is gericht op het versterken van het zelfmanagement van de cliënt tijdens zijn re-integratie. Satink en Cup[4] constateerden in 2014 dat de uitgangspunten en begrippen van zelfmanagement ondersteuning zoals cliëntgerichtheid, enablement, gelijkwaardige relatie, gezamenlijke besluitvorming en empowerment sterk overeen komen met ergotherapeutische uitgangspunten. Dit zijn ook de uitgangspunten waar de methode Weer aan het Werk op gebaseerd is.

“Na de behandeling van kanker bleef ik klachten houden en lukte het me niet om mijn werk weer op te pakken. De ergotherapeut heeft me geholpen om me niet te laten leiden door mijn klachten. Ze heeft me geleerd om in een vast ritme te leven, mijn energie te verdelen en pauzes te houden, ook op het werk. De ergotherapeut bracht ook veel kennis mee op het gebied van wetgeving waardoor ik zelf een voorstel kon formuleren en mij sterker voelde staan in de re-integratie. Uiteindelijk kan ik weer fulltime uitdagend werk doen én heb ik energie over voor mijn privéleven.”
Pieter (34) – IT-projectmanager

Werkwijze en processchema:

Astrid van Leest, van Ergo & Arbeid vertelt hoe de methode Weer aan het Werk in zijn werk gaat: “Met de informatie die ik krijg uit de intake, de USER-P en eventueel de VAR-2 formuleer ik mijn ergotherapeutisch diagnose-behandelplan. Als de cliënt zich hierin kan vinden starten we met educatie, zodat de cliënt voldoende kennis heeft om eigen doelen te stellen en keuzes te maken.”

“Na mijn hersenkneuzing ben ik gaan re-integreren op mijn werk. De ergotherapie heeft mij geholpen in het vinden van de balans tussen belasting en draagkracht zowel privé als op het werk. De ergotherapeut confronteerde mij met dingen en liet me mijn eigen conclusies trekken waardoor beslissingen echt van mij waren”.
Arthur (53) – basisschooldirecteur

“We stellen samen een persoonlijk stoplicht op en formuleren de minimale werk/privébalans. Het persoonlijk stoplicht biedt de cliënt handvatten om (over-)belastingssignalen bij zichzelf te herkennen en hierop te anticiperen. Daarna gaan we een werkhervattingsplan opstellen. Ik help de cliënt te formuleren wat zijn mogelijkheden, beperkingen en valkuilen zijn. De aanwezige knelpunten op het gebied van werktaken, -tijden, -druk, -plek en -wijze brengen we samen in kaart en ik help de cliënt om hier (zelf) oplossingsrichtingen voor te zoeken. Ten slotte formuleert de cliënt een (in zijn beleving) haalbaar opbouwschema om zijn doel te kunnen halen. Zo ontstaat het concept-werkhervattingsplan, geformuleerd vanuit de deskundigheid van de cliënt. Het conceptwerkhervattingsplan legt de cliënt voor aan de bedrijfsarts en zijn werkgever voor input en feedback. Hiermee wordt de cliënt een gelijkwaardige gesprekspartner in het re-integratieproces. De cliënt ervaart dat hij meer regie heeft en krijgt meer vertrouwen in de re-integratie. Ook tijdens de opbouw van het werk blijf ik de cliënt zien en monitoren we de balans tussen belasting/belastbaarheid (met het persoonlijke stoplicht) en de balans tussen werk en privé. Op basis hiervan kan de cliënt in het overleg met de leidinggevende en de bedrijfsarts goed aangeven hoe het met hem gaat, wat hij nodig heeft en welke stap hij zelf zou willen zetten.”

“Ik liep hersenletsel op bij een ernstig ongeval. Hoewel ik veel revalidatiebegeleiding had gehad, ging ik tijdens de re-integratie toch vastlopen, thuis en op het werk, en het lukte me niet om het op te lossen. Kortom; stress, energieverlies, onzeker voelen en tijdsdruk door de Wet Poortwachter. Ik was bang dat ik mijn baan ging verliezen. Ergotherapie ondersteunde niet alleen bij werk, de Wet Poortwachter werd verduidelijkt zodat ik goede beslissingen kon nemen, ik leerde mijn thuissituatie goed te houden, mijn sociale leven, en vooral mijn ontspanning. Want die liet ik snel als eerste varen. Ik ben voor een deel arbeidsongeschikt verklaard, maar dat klopt nu precies met de grens die ik zelf ook voel. En voor het andere deel heb ik mijn eigen werk weer terug, terwijl iedereen dacht dat ik nooit meer zou kunnen werken.”
Judith (63) – psychiatrisch verpleegkundige

De werkmaterialen

De methode bevat werkmaterialen voor het persoonlijke stoplicht, de werk/privébalans, het concept-werkhervattingsplan en een programma van eisen passend werk.
Daarnaast zijn er werkmaterialen voor de voorbereiding op belangrijke processtappen in de Wet verbetering Poortwachter; de eerstejaarsevaluatie, het inzetbaarheidsprofiel, het arbeidsdeskundig onderzoek, de functionele mogelijkhedenlijst en de WIA-keuring.
De werkmaterialen bestaan uit informatie, een handleiding voor de cliënt en de therapeut en (meestal) een invulschema voor de aantekeningen van de cliënt.

De training Weer aan het Werk

In 2018 is de training Weer aan het Werk ontwikkeld. In september 2018 liep er pilot waarbij 12 ergotherapeuten in company werden opgeleid in het gebruik van de methode en de werkmaterialen. Naast wat verbeterpunten waren de kritieken erg positief. Enkele reacties achteraf:

  • Ik kon de volgende dag al stukjes toepassen en invoegen;
  • Ik gebruik er elke week wel íets van in mijn behandelingen;
  • Ik kan mijn client met óók een arbeidsvraag nu beter ondersteunen binnen mijn ergotherapeutische behandeling;
  • Weer aan het Werk geeft de juiste handvatten om huidige cliënten die in WVP traject zitten te begeleiden en te zelf-empoweren;
  • Tijdens het volgen van de cursus al een paar cliënten perfect kunnen ondersteunen!

Ook op de wat langere termijn blijkt de methode goed gebruikt te worden: Robert van der Veen, ergotherapeut in Klimmendaal, werkt met diverse doelgroepen zoals niet aangeboren hersenletsel, chronische pijn, hypermobiliteit, SOLK/Conversie en neuromusculaire aandoeningen. In het najaar van 2018 nam hij deel aan de training Weer aan het Werk. “Veel cliënten krijgen zoveel op hun bordje in de periode dat ze revalideren, dat het werk vaak minder aandacht krijgt. Tot ze bij bijvoorbeeld de bedrijfsarts komen en schrikken. In de praktijk merk ik dat ik door deze methode beter op de behoefte van de cliënt kan in spelen. Hierbij kan ik inzicht geven in hun situatie en mogelijkheden die zij nog hebben om weer terug te keren naar hun werk. Persoonlijk gebruik ik diverse onderdelen uit de methode Weer aan het werk. Ik merk dat ik beter begrijp waar de cliënt in zijn re-integratie tegenaan loopt, waardoor ik beter kan aansluiten op individuele behoefte.“

ErgoAcademie

Naar aanleiding van de feedback van de pilotcursisten en met hulp van twee cliënten van Ergo & Arbeid, zijn in de afgelopen maanden het handboek en de werkmaterialen verder geprofessionaliseerd. Ook de cursus is aangepast op basis van de feedback van de cursisten.

Op advies van de cursisten van de pilot is besloten dat de methode Weer aan het Werk alleen in combinatie met de training wordt aangeboden. De training is nodig om de methode en de werkmaterialen goed te kunnen toepassen.

Vanaf januari 2020 gaat de training nu landelijk worden aangeboden via de ErgoAcademie. Via de website van Ergotherapie Nederland kan hierop al worden ingeschreven.

Referenties/bronnen
[1] Le Granse, M., Van Hartingsveldt & M., Kinébanian, A. (Eds.) (2013) Grondslagen van de ergotherapie. (3e Rev.ed.) Amsterdam, Nederland: Reed Business Education.
[2] Falke & Verbaan Kwadrantenmodel
[3] Miedema, H., & Engels, J. (2015). Zorg Basics: Werkhervatting en re-integratie. Den Haag: Boom lemma.
[4] Satink, T & Cup, E. (2014) Dé aspecten van zelfmanagement: Sleutelbegrip in moderne visies op zorg. Ergotherapie Magazine 2014(2) 14-18.
Satink, T & Cup, E. (2014) De kracht van de cliënt: Ondersteuning in het (weer) betekenis geven aan het leven na of met een chronische aandoening. Ergotherapie Magazine 2014(3) 14-20.

Deel dit artikel:

0 reacties

Een reactie versturen